Voor een gids over bijzondere Gelderse plekken waar ik aan meewerk was ik laatst op landgoed Schovenhorst in Putten. Decennialang was het een besloten enclave waar wetenschappers onderzoek deden in een van de drie bomentuinen. De baanbrekende studies op Schovenhorst hebben er onder meer toe geleid dat de Douglasspar een voorname rol bemachtigde in de binnenlandse houtproductie.
De bijzondere status – de historische pinetums en arboreta zijn onderdeel van de Nationale Plantencollectie – kwam in het gedrang toen de rijksoverheid in 1998 de subsidie voor het landgoed stopzette. Het dwong de landgoedeigenaren tot een rigoureuze ommezwaai. Landgoed Schovenhorst veranderde van een plek voor wetenschap en onderzoek in een gastvrij en publiek landschap. Er werden ambitieuze ontwerpen gemaakt – onder meer door befaamde ontwerpers als Alle Hosper en Rein Geurtsen – waarin het behoud van de unieke bomencollectie samen opging met de toevoeging van nieuwe attracties, zoals een klimtoren, wandelpaden en horeca. Een voorname aanbeveling was om de collage van kleine kwekerijen en tuinen, zonder duidelijke omheining of entreepoorten, te handhaven. Dat laatste is een schot in de roos gebleken. Een wandeling over Schovenhorst voelt als een rondgang langs verschillende werelden, waarbij de overgangen op subtiele wijze gemarkeerd zijn door simpele houten poorten.
Net als Schovenhorst, komen ook andere historische complexen en terreinen, zoals buitenplaatsen, abdijen en kloosters, vroeg of laat op een kruispunt te staan. Hun oorspronkelijke functies vervagen, terwijl hun ruimtelijke, ecologische en culturele waarden buiten kijf staan. Om die voor het nageslacht te bewaren ondergaan zulke gebieden steeds vaker een transformatie, gericht op de transities die overal op het platteland om aandacht vragen: nieuwe vormen van landbouw, waterbeheer, biodiversiteitsherstel en woningbouw. In dit speciale e-zine kijken we naar allerlei verschillende mogelijkheden om deze eeuwenoude plekken een nieuwe betekenis te geven. Wat zijn de mogelijkheden en hoe helpen ze ons in de aanpak van de vraagstukken van vandaag?
Mark Hendriks, hoofdredacteur
Het voormalige klooster van Bethanië in het Brabantse Rijsbergen moet de komende tijd veranderen in een afscheidshof. Het is de bedoeling dat het terrein, dat omgeven is door grote natuurgebieden, een plek wordt voor ‘betekenisvolle uitvaartrituelen’. De oude kloostergebouwen die los in het landschap staan omsluiten een hof waarvan de entree gemarkeerd wordt door twee gedenkkapellen. Een gebouw transformeert tot een kleine aula, met zicht op een binnentuin. Een ander, wat groter gebouw doet straks dienst als grote aula, waar de ruime gevelopeningen zicht geven op de heide, vennen en bossen rondom. Aan dit hof verrijst 'verdiept in de grond' een nieuw bouwwerk waar overledenen gecremeerd of geresomeerd (watercrematie) kunnen worden. Deze nieuwbouw zal straks omringd zijn door grasvlakken en gemetselde tuinmuren. In het landschap rondom bedacht architect Joyce Verstijnen een vlonder voor het uitstrooien van as. Verderop is het mogelijk om tussen de bomen een besloten buitenceremonie te houden.
Project afscheidshof op voormalig kloosterterrein
Locatie Rijsbergen
Ontwerper Bedaux de Brouwer (Joyce Verstijnen)
Opdrachtgever SoMa Vastgoed
Omvang 3,3 ha
Uitvoering Maas-Jacobs
i.s.m. Sigma Engineering, vdBuijsInstall, Delcroix Elektro Groep
Explicieter kunnen de ontwerpers van het masterplan voor Eyckenlust het niet verwoorden: het vierhonderd jaar oude landgoed moet een bijdrage leveren aan maatschappelijke opgaven als klimaatadaptatie, biodiversiteitsherstel, de landbouwtransitie en de woningbouwopgave. Daar komt bij dat het landgoed een sleutelrol heeft in de provinciale ambitie om tot 2030 zeker 13 duizend hectare bos te ontwikkelen. Door de aanplant van nieuwe bossen kunnen landschappelijke structuren worden versterkt en de recreatiemogelijkheden vergroot. Het masterplan herdefinieert de reeds aanwezige structuur van het riviertje de Aa, grote bosvakken en lange lanen. Daarbinnen komt ruimte voor biologische vormen van landbouw en kleinschalige culturele evenementen. De visuele en functionele relaties met het dorp Beek en Donk, die door de komst van de Zuid-Willemsvaart verstoord raakten, worden hersteld met de aanleg van enkele bruggen, waaronder een spraakmakende en in het oog springende voetgangersverbinding.
Project masterplan landgoed
Locatie Beek en Donk
Ontwerper Strootman Landschapsarchitecten
i.s.m. Floris Alkemade Architect (FAA)
Opdrachtgever familie De Jong van Beek en Donk, gemeente Laarbeek, waterschap Aa en
Maas
Omvang 75 ha
Periode van ontwerp 2023-2024
Realisatie vanaf 2025
VAN DE NVTL
Samen met vereniging Straatwerk Nederland, Bouwend Nederland en bureau Marseille Buiten organiseert NVTL op 1 april een webinar over machinaal en mechanisch straten. Het gaat onder meer over de verantwoordelijkheid van de landschapsontwerper in dit proces en over de samenwerking met en de rol van de opdrachtgever en aannemer.
In de workshop Geheugen van het Ontworpen Landschap gaat het over hoe je een archief kan ordenen en beschrijven. En hoe je bepaalt wat er wel en niet opgenomen wordt in je archief. Voor of na afloop van de workshop is de bijbehorende installatie te bezoeken. De workshop is op 20 april bij Het Flevolands Archief in Lelystad.
VAN DE BNSP
Multidisciplinair stedenbouwkundig ontwerper en strateeg Arun Jain geeft op 23 maart een lezing naar aanleiding van het verschijnen van zijn nieuwste boek: Reframing Cities for Resilience – Embracing Complex & Uncertain Futures. Daarin stelt hij dat de eerste stap naar een adaptieve en veerkrachtige toekomst is om de complexiteit van steden voor iedereen begrijpelijk te maken.
Samen met de gemeente Almere en Studio Vinke verkent de BNSP op 26 maart welke kansen stadsbouwmeesters en wethouders zien in ‘bouwen door de buurt’. Dat is een nieuwe ontwikkelmethodiek waarbij bewoners op uitnodiging van de gemeente zelf hun eigen bouwgrond en ontwikkelrechten organiseren.
VAN BLAUWE KAMER
Het kan weer: inzenden voor het Jaarboek. Ben jij ontwerper of opdrachtgever en wil je dat jouw project in het nieuwe jaarboek komt? Stuur dan je beste plannen, projecten of studies in voor de editie van 2026.
Net als altijd kiest een onafhankelijke commissie de meest voorbeeldige projecten uit de stedenbouw en landschapsarchitectuur. Dit jaar bestaat de commissie uit voorzitter Yttje Feddes, stedenbouwkundigen Tom van Tuijn en Mattijs van Ruijven, landschapsarchitect Marie-Laure Hoedemakers en architectuurhistoricus Vita Teunissen.
Project tuinen voor onderzoek en educatie op oud fabrieksterrein
Locatie Arc-des-Senans, Frankrijk
Ontwerper Gilles Clément
I.s.m. Mayot Toussaint, ALEP
Opdrachtgever Saline royale d’Arc-et-Senans
Periode van ontwerp 2020
Periode van realisatie 2021-2023
Voor een project over het experimenteren met transities (nieuwe vormen van voedselproductie, tegengaan van klimaatverandering, herstel van biodiversiteit) greep de Franse landschapsarchitect Gilles Clément terug op de formele opbouw van de botanische tuin. De zogenoemde planetary garden school op het terrein van de voormalige zoutfabriek in het Franse Arc-des-Senans bestaat uit identieke plantvakken rondom gazons en weides die door lanen en promenades doorsneden zijn. Die keuze is helemaal terecht. Enerzijds helpt de heldere en symmetrische indeling om op systematische wijze kennis te vergaren en bezoekers te onderwijzen over de rol van planten in het streven naar een schoon milieu en een leefbare planeet. Anderzijds doet de inrichting recht aan het gedachtegoed van Claude Nicolas Ledoux, de architect die hier in de 18e eeuw volgens rationele en classicistische principes de ideale stad wilde ontwerpen.
Landschapsarchitect Sander Rombout van Copijn heeft ruime ervaring met het werken aan historische terreinen.
Hoe bepaal je wat op bijvoorbeeld een landgoed waardevol is?
‘Ik omschrijf het vaak als het zoeken naar de essentie. Wat zijn functies, wat zijn verhaallijnen, waarom ziet het er zo uit? Dat doe je door foto- en kaartanalyses en door rond te lopen en goed te kijken – al dan niet in gezelschap van bijvoorbeeld een erfgoedspecialist. Zulke gebieden hebben een enorme gelaagdheid, en ik probeer altijd zorgvuldig af te wegen welke lagen het meest relevant zijn, welke lagen de ziel vangen. Dat is overigens ook een maatschappelijke vraag. Wat verlangt het publiek van deze plek, wat achten zij belangrijk?’
Bieden die lagen houvast voor het inpassen van nieuwe functies?
‘Absoluut. In Tilburg werkten we aan de herinrichting van een oude kloostertuin – dit stadspark Oude Dijk wordt eind mei geopend. Het verhaal van dat klooster, met de rondgang en zo, koppelen we aan het ontwerp van wandelpaden. Bijzonder is dat de vergeten topografie is ingezet om de wateroverlast weg te nemen. Wat bleek namelijk: de plek is als het ware een afvoerput, waar allerlei stroompjes naartoe liepen. Door ergens in dit nieuwe park die laagte te herstellen, en ook een poelenbosje te maken voorkomen we dat het in de winter onderloopt.’
Jullie zijn betrokken bij landgoed Eyckenlust, dat met het masterplan in deze editie staat.
‘Daar proberen we tijdelijke woonvormen te combineren met andere vormen van landbouw, zoals agroforestry, en nieuwe natuur. Voor de plaatsing borduren we voort op het kamerlandschap en het bijbehorende raamwerk van lanen, zichtlijnen en het riviertje de Aa. Aan de zijde van jonge bossen is plek voor nieuwe woningen, gekoppeld aan een oude boerderij. In de zichtlijnen over de Aa naar het hoofdhuis is plaats voor nieuwe functies, zoals een moestuincomplex. Langs de oude lanen komen notenbomen.’
Landschapsarchitect Sander Rombout over het werken aan historische terreinen
Het rijksmonumentale Eemklooster in Amersfoort verandert de komende jaren in een ‘microstad’. Het voormalige kloostercomplex (toen met lyceum en kweekschool) is nu al in gebruik als kantoorruimte en kinderdagverblijf, maar wordt verder uitgebreid met meer werkplekken, culturele functies en appartementen. Om deze transformatie in goede banen te leiden, bedachten Urban Frameworks en DS een strategie.
Kern van hun aanpak is de onderverdeling in meerdere schaalniveaus: van de ligging op de Utrechtse Heuvelrug via het omliggende landschap tot de buitenruimtes in en rond het klooster en de aansluiting op de gevels. Zo krijgt het grotere landschap rondom een wildere uitstraling, met een nieuwe boszoom en grasland voor uiteenlopende diersoorten. De ligging op de flank van de Heuvelrug wordt sterker aangezet en de inrichting bij de gevels is gestoeld op de karakteristieken van de omgeving – bos, en open veld. De binnenhoven en entreezones krijgen een eigen inrichting. Zo verandert de oorspronkelijke keukenhof in een ‘buitenkamer’ en krijgt de vijverhof een opknapbeurt. De nieuwe appartementengebouwen zijn in stedenbouwkundig opzicht onderdeel van het bos- en heidelandschap, terwijl ze in hun architectonische uitwerking aansluiten bij de volumes en accentuering van het bestaande kloostercomplex.
Project transformatie voormalig klooster
Locatie Amersfoort
Ontwerpers Urban Frameworks, DS landschapsarchitecten
I.s.m. NL Architects, ZEEP Architects
Opdrachtgever Eemklooster Community (samenwerking van ABC Vastgoed, EarthY
Invest, Plegt-Vos)
Periode van ontwerp vanaf 2024
Realisatie 2025-2027
Het is weliswaar niet bedoeld om historische terreinen een tweede leven te geven, maar de ontwerpstudie van Landscape Collected, Libau en Prodo grijpt de oude veenborgen die Groningen rijk was wel aan om tot moderne ‘energielandgoederen’ te komen. Het idee is dat bijvoorbeeld agrarische landerijen net als de borgen van toen veranderen in plekken waar meerdere functies samenkomen – naast energiewinning voedselproductie, recreatie, wonen en natuurontwikkeling. Op dit moment wordt het idee in de gemeente Westerkwartier getest, want is het wel mogelijk om boerenbedrijven om te toveren tot nieuwe landgoederen? Er wordt gekeken in hoeverre energieopwekking samengaat met bijvoorbeeld het herstel van houtwallen, de aanleg van wandelpaden en andere recreatieve voorzieningen, en de opening van bijvoorbeeld een boerderijwinkel. De initiatiefnemers bekijken energie overigens met een brede blik: naast zonnepanelen en windmolens nemen ze mest- en voedingstoffen in ogenschouw. Uitgangspunt is dat zonnevelden of windturbines niet slechts een commercieel belang mogen dienen, maar als aanjagers moeten fungeren van landschapsontwikkeling waarvan de baten in de omgeving landen.
Project ontwerpend onderzoek naar energielandgoederen
Locatie Westerkwartier
Ontwerpers Landscape Collected, Libau, ProDO
I.s.m. Arnoud Garrelts Landschapsadvies
Periode van ontwerp vanaf 2024
Nog geen abonnee, maar wel benieuwd naar de volgende editie?
Kijk hier voor onze abonnementen en aanbiedingen.
Mocht u als Blauwe Kamerabonnee het e-zine niet in uw e-mail ontvangen
dan beschikken wij mogelijk niet over uw juiste e-mailadres.
U kunt uw e-mailadres hier
doorgeven.